Wmo

    Het verslag van het keukentafelgesprek: wat de wet ervan vraagt.

    Je zit aan de keukentafel, de dochter praat mee, en er moet straks iets liggen dat navolgbaar is voor wie het later leest. De wet vraagt daarvoor geen verslag van het gesprek, maar een weergave van de uitkomsten van je onderzoek. Notuly maakt daarvan het concept; jij toetst het en stelt het vast.

    Download de app

    Voor macOS, Windows, iOS en Android.

    Gebruikt door mensen bij deze organisaties.

    Stayokay logo
    Tweede Kamer logo
    Breda University logo
    Het Scheepvaartmuseum logo
    Zozijn logo
    Nike logo

    Kort antwoord

    Het verslag van het keukentafelgesprek is in de Wmo 2015 geen verslag van het gesprek, maar een schriftelijke weergave van de uitkomsten van het onderzoek (artikel 2.3.2 lid 8). Het onderzoek moet uiterlijk zes weken na de melding zijn uitgevoerd, en pas daarna kan de inwoner een aanvraag doen. Wat er inhoudelijk in hoort, volgt uit het stappenplan dat de Centrale Raad van Beroep op 21 maart 2018 formuleerde: de hulpvraag, de problemen bij zelfredzaamheid en participatie, welke ondersteuning naar aard en omvang nodig is, en de afweging van eigen kracht, gebruikelijke hulp, mantelzorg, sociaal netwerk en algemene voorzieningen. Een letterlijke weergave van het gesprek is dus niet het doel; een navolgbare weergave van die afweging wel.

    Wettelijke term
    Schriftelijke weergave van de uitkomsten van het onderzoek
    Grondslag
    Artikel 2.3.2 lid 8 Wmo 2015
    Onderzoekstermijn
    Uiterlijk zes weken na de melding (artikel 2.3.2 lid 1)
    Beslistermijn
    Twee weken na ontvangst van de aanvraag (artikel 2.3.5 lid 2)
    Inhoud
    Het stappenplan van de CRvB, 21 maart 2018 (ECLI:NL:CRVB:2018:819)
    Persoonlijk plan
    Binnen zeven dagen na de melding te overhandigen (lid 2)
    Cliëntondersteuning
    Gratis, en het college wijst er actief op (lid 3)
    Rolverdeling
    Notuly levert het concept; de consulent toetst en stelt vast

    De term

    In de wet heet het geen gespreksverslag.

    Consulenten, verordeningen en handreikingen gebruiken gespreksverslag en onderzoeksverslag door elkaar. De Wmo 2015 kent geen van beide woorden.

    Artikel 2.3.2 lid 8 zegt dat het college de cliënt dan wel diens vertegenwoordiger een schriftelijke weergave van de uitkomsten van het onderzoek verstrekt. Dat is een andere opdracht dan een verslag van het gesprek maken. Een gesprek heeft een verloop; een onderzoek heeft een uitkomst. De wet vraagt om het tweede.

    Dat verschil is geen woordenspel. Het bepaalt wat je opschrijft en wat je weglaat. Een verslag dat chronologisch het gesprek volgt, is meestal langer, persoonlijker en juist moeilijker te toetsen dan een verslag dat per onderzoeksonderwerp laat zien wat je hebt vastgesteld en gewogen. Wie later meeleest, een collega, een bezwaarcommissie of de bestuursrechter, zoekt de afweging en niet de dialoog.

    Op deze pagina gebruiken we gespreksverslag waar de praktijk dat doet, en onderzoeksverslag waar het om de wettelijke opdracht gaat. De volledige tekst van de wet staat op wetten.overheid.nl. Deze pagina legt de regels uit; het is geen juridisch advies.

    Artikel 2.3.2

    Wat er wettelijk in het Wmo-gespreksverslag moet staan.

    De wet noemt geen inhoudsopgave voor het verslag, maar wel zeven onderwerpen die het onderzoek moet raken. Wie die zeven in zijn verslag terug laat komen, heeft de basis staan.

    Artikel 2.3.2 lid 4 somt onder a tot en met g op waar het onderzoek over gaat. In volgorde van de wet:

    • de behoeften, persoonskenmerken en voorkeuren van de cliënt;
    • de mogelijkheden om op eigen kracht of met gebruikelijke hulp de situatie te verbeteren;
    • de mogelijkheden om dat met mantelzorg of hulp uit het sociale netwerk te doen;
    • de behoefte aan ondersteuning van de mantelzorger zelf;
    • de mogelijkheden om dat met algemene voorzieningen te doen;
    • de afstemming en samenwerking met andere diensten en voorzieningen;
    • welke bijdrage in de kosten de cliënt verschuldigd zal zijn.

    Twee onderdelen worden in verslagen het vaakst vergeten, en ze zijn allebei een actieve plicht. Lid 2 geeft de cliënt het recht om vóór aanvang van het onderzoek een persoonlijk plan te overhandigen, met een termijn van zeven dagen na de melding. Lid 3 verplicht het college om de cliënt en zijn mantelzorger te wijzen op de mogelijkheid van gratis cliëntondersteuning. Of je dat hebt gedaan, hoort in het verslag te staan, want als het er niet staat, is het niet aantoonbaar gebeurd.

    Komt er een persoonsgebonden budget in beeld, dan gelden daarvoor de voorwaarden van artikel 2.3.6: de cliënt moet in staat zijn de aan het budget verbonden taken uit te voeren, hij motiveert waarom hij een budget wil, en de ingekochte ondersteuning is veilig en doeltreffend. Ook die drie horen navolgbaar in het verslag.

    Het model

    Het onderzoeksverslag per stap van het CRvB-stappenplan.

    De Centrale Raad van Beroep formuleerde op 21 maart 2018 een stappenplan voor het Wmo-onderzoek, in de tussenuitspraak ECLI:NL:CRVB:2018:819. Volg je het niet, dan is het onderzoek onzorgvuldig. Hieronder staat per stap hoe die eruitziet in een verslag.

    • Stap 1. Stel vast wat de hulpvraag is"Mevrouw meldt zich omdat zij zich sinds haar heupoperatie niet veilig voelt bij het douchen en daardoor minder de deur uit gaat."
    • Stap 2. Breng de problemen bij zelfredzaamheid en participatie in kaart"Zij wast zich zelfstandig aan de wastafel, maar komt niet zelfstandig over de badrand. Sinds april gaat zij niet meer naar het koor."
    • Stap 3. Bepaal welke ondersteuning naar aard en omvang nodig is"Mevrouw heeft dagelijks hulp nodig bij het in- en uit de douche komen, en een doucheruimte die zij zonder badrand kan gebruiken."
    • Stap 4. Onderzoek eigen kracht, gebruikelijke hulp, mantelzorg, netwerk en algemene voorzieningen"De dochter doet wekelijks de boodschappen. Zij geeft aan dagelijkse hulp bij het douchen niet te kunnen combineren met haar werk. Een algemene voorziening voor badkamergebruik is er in deze gemeente niet."
    • Stap 5. Pas als dat onvoldoende is: de maatwerkvoorziening"Omdat de badkamer met de beschikbare hulp niet veilig te gebruiken is, is een woningaanpassing als passende bijdrage onderzocht."

    Zo nodig vraag je daarnaast deskundig advies. Dat is geen aparte stap in het stappenplan, maar een voorbehoud: heb je de kennis zelf niet, dan noteer je in het verslag of je advies hebt gevraagd, aan wie, en wat je met de uitkomst doet.

    De modelzinnen hierboven zijn kort omdat de afweging het werk doet, niet de beschrijving. Per stap ligt vast wat erin hoort en wat je juist weglaat:

    Per stap van het CRvB-stappenplan: wat in het onderzoeksverslag hoort en wat eruit blijft
    Stap Wat in het verslag hoort Wat eruit blijft
    1. De hulpvraag De vraag zoals de inwoner die zelf stelt, in woorden die hij herkent. De voorziening waar je zelf al aan denkt, en het aanbod van de gemeente.
    2. Zelfredzaamheid en participatie Per activiteit wat wel en niet lukt, en wat dat betekent voor meedoen. Een diagnose, en klachten die niet aan een beperking raken.
    3. Aard en omvang van de ondersteuning Welke ondersteuning nodig is en hoeveel, en waar dat uit blijkt. De voorziening zelf: die volgt pas uit stap 4 en 5.
    4. Eigen kracht en netwerk Per bron van hulp wat mogelijk is en wat niet, met de reden erbij. De aanname dat een huisgenoot of kind het wel oplost.
    5. De maatwerkvoorziening Waarom het voorgaande onvoldoende is, en welke voorziening daaruit volgt. Het besluit zelf: dat hoort in de beschikking, niet in het verslag.

    De volgorde is niet vrijblijvend. Sla je stap 4 over en spring je van de problemen naar de voorziening, dan mist het verslag precies de redenering waarop het onderzoek wordt beoordeeld. En omgekeerd: staat stap 5 er zonder stap 4, dan leest het als een aanbod in plaats van als een afweging.

    Een sjabloon voor elk gesprek.

    Keukentafelgesprek, huisbezoek of evaluatie: Notuly herkent het gesprekstype en kiest de passende vorm, met de onderdelen op hun plek. Met een Team-licentie bouwt je beheerder eigen sjablonen, zodat elk onderzoeksverslag in jouw gemeente dezelfde vorm heeft.

    9:41
    Stap 1 / 2

    SJABLOON

    Welk soort gesprek?

    Automatisch geregeld. Of kies zelf.

    AutomatischAANBEVOLEN

    Notuly herkent het soort gesprek en kiest de passende vorm.

    MEEST GEBRUIKT

    KeukentafelgesprekWmo-onderzoek · uitgebreid

    VAN JE ORGANISATIE

    HuisbezoekOnderzoek thuis · uitgebreid
    MeldingsgesprekEerste contact · kort
    EvaluatiegesprekVoortgang · gemiddeld

    De hulpvraag

    Waarom stap 1 het vaakst misgaat.

    Stap 1 lijkt de makkelijkste van de vijf. Het is de stap waar het onderzoek het vaakst spaak loopt, omdat de vraag onderweg van vorm verandert.

    De inwoner vraagt of iemand kan helpen met het huishouden. In het verslag staat dat mevrouw vraagt om ondersteuning bij haar zelfredzaamheid. Dat is netter opgeschreven en het past beter bij de wet, maar het is niet meer haar vraag. Vanaf dat moment weegt de rest van het onderzoek een vraag die zij niet gesteld heeft.

    Het omgekeerde komt net zo vaak voor: de hulpvraag wordt meteen vertaald naar de voorziening. Iemand meldt dat traplopen niet meer gaat en in het verslag staat dat hij een traplift aanvraagt. Ook dat is stap 1 overslaan, want de vraag was hoe hij boven komt, niet welke lift daarvoor nodig is.

    De Nationale ombudsman kwam in Burger in zicht (13 april 2023) op hetzelfde punt uit: burgers ervaren weinig invloed en regie, en het keukentafelgesprek gaat volgens hen vaak over de standaardpakketten en budgetten van de gemeente. Wie het gesprek daar begint, heeft stap 1 feitelijk al overgeslagen.

    De toets die je zelf kunt doen

    Lees de eerste alinea van je verslag terug en stel jezelf één vraag: zou de inwoner deze zin herkennen als zijn eigen vraag? Zo niet, dan staat de rest van je afweging op een ander fundament dan het gesprek dat je gevoerd hebt. Noteer de hulpvraag daarom eerst in zijn woorden, en zet je eigen vertaling naar de wettelijke begrippen er als aparte zin achter.

    De termijnen

    Zes weken, twee weken: welke termijn wanneer gaat lopen.

    De zes weken hangen aan het onderzoek, niet aan het verslag. De twee weken hangen aan de aanvraag, niet aan het gesprek. Dat door elkaar halen is de bron van de meeste termijnfouten.

    De momenten in een Wmo-onderzoek met de bijbehorende termijn en wetsbepaling
    Moment Wat er gebeurt Termijn
    Melding De inwoner meldt zijn behoefte aan maatschappelijke ondersteuning. Het onderzoek gaat lopen.
    Persoonlijk plan De cliënt overhandigt zijn eigen plan, vóór aanvang van het onderzoek. Zeven dagen na de melding (artikel 2.3.2 lid 2).
    Onderzoek Het college onderzoekt de zeven onderwerpen van lid 4, meestal in een gesprek. Zo spoedig mogelijk, uiterlijk zes weken (lid 1).
    Schriftelijke weergave Het college verstrekt de uitkomsten van het onderzoek aan de cliënt. Artikel 2.3.2 lid 8 noemt hier geen eigen termijn.
    Aanvraag De cliënt vraagt een maatwerkvoorziening aan. Pas na het onderzoek, tenzij de termijn van lid 1 is verstreken (lid 9).
    Beschikking Het college beslist op de aanvraag; hiertegen staat bezwaar open. Twee weken na ontvangst van de aanvraag (artikel 2.3.5 lid 2).

    Twee praktische gevolgen. Verstrijken de zes weken zonder dat het onderzoek is uitgevoerd, dan mag de cliënt op grond van lid 9 alsnog een aanvraag doen, en dan loopt de beslistermijn van twee weken ook zonder dat het onderzoek af is. En omdat lid 8 geen eigen termijn noemt, is de datum waarop je het verslag verstrekt in de praktijk de datum waarop je het onderzoek afrondt. Noteer die datum dus in het verslag zelf.

    Van verslag naar aanvraag

    Wanneer het ondertekende verslag een aanvraag wordt.

    In veel gemeenten kan de cliënt het verslag ondertekenen en daarmee een aanvraag doen, vaak via een aankruisvak onderaan. Dat is gemeentelijk beleid, geen algemene regel uit de wet.

    De Wmo 2015 kent geen handtekeningplicht. Artikel 2.3.2 lid 8 zegt alleen dat het college de schriftelijke weergave verstrekt; wat er daarna met die weergave gebeurt, regelt de gemeentelijke verordening. Werkt jouw gemeente met het ondertekende verslag als aanvraag, dan gaat op dat moment de beslistermijn van twee weken lopen en is de zorgvuldigheid van het verslag ineens een termijnkwestie.

    Voor de cliënt heeft dat één belangrijk gevolg dat in het verslag hoort te staan: tegen het verslag zelf staat geen bezwaar open, want het is geen besluit. Bezwaar richt zich op de beschikking. Wel kan hij op het verslag reageren, correcties aandragen en zijn eigen zienswijze laten toevoegen. Neem feitelijke correcties over, en laat een verschil van inzicht zichtbaar staan in plaats van het weg te schrijven. Een verslag waarin het meningsverschil benoemd is, is navolgbaarder dan een verslag waarin het is gladgestreken.

    Proportionaliteit

    Wat er niet in het verslag hoort.

    Een Wmo-verslag wordt zelden afgekeurd omdat er te weinig in staat. Het gaat vaker mis aan de andere kant: te veel, te letterlijk, en te veel oordeel dat als feit is opgeschreven.

    De letterlijke weergave

    Een woordelijke uitwerking van een gesprek van een uur is geen weergave van de uitkomsten. Hij maakt het verslag langer en de afweging juist moeilijker te volgen.

    Vat samen, en laat zien wat je hebt gewogen.

    Wat niet bijdraagt aan de beoordeling

    Een scheiding, een schuld of een diagnose hoort er alleen in als het meeweegt in de afweging. Zo niet, dan leg je persoonsgegevens vast die je voor dit besluit niet nodig hebt.

    Proportionaliteit is een AVG-eis, geen stijlkwestie.

    Jouw oordeel als feit

    Dat iemand niet gemotiveerd is, is een oordeel. Dat hij twee afspraken heeft afgezegd en vervoer als reden gaf, is een waarneming. Alleen de tweede houdt stand als hij het leest.

    Feit en duiding uit elkaar, ook als het langer wordt.

    De afweging

    Gebruikelijke hulp, mantelzorg en de grens met de Wlz.

    Stap 4 draait om drie begrippen die in de praktijk door elkaar lopen en in de wet strikt gescheiden zijn. Artikel 1.1.1 Wmo 2015 definieert ze.

    • Gebruikelijke hulpHulp die naar algemeen aanvaarde opvattingen in redelijkheid mag worden verwacht van de echtgenoot, ouders, inwonende kinderen of andere huisgenoten. Het gaat om wat redelijk is, niet om wat feitelijk gebeurt.
    • MantelzorgHulp die rechtstreeks voortvloeit uit een tussen personen bestaande sociale relatie en die niet wordt verleend in het kader van een hulpverlenend beroep. Vrijwillig, en dus nooit iets wat je kunt opleggen.
    • CliëntondersteuningOnafhankelijke ondersteuning met informatie, advies en algemene ondersteuning. Gratis, en het college wijst de cliënt en zijn mantelzorger er actief op (artikel 2.3.2 lid 3).

    Het verschil doet er in het verslag toe. Gebruikelijke hulp mag je meewegen als iets wat redelijkerwijs van een huisgenoot verwacht kan worden. Mantelzorg mag je niet meewegen als vanzelfsprekend: dat een dochter nu boodschappen doet, betekent niet dat zij ook dagelijkse hulp bij het douchen op zich neemt. Schrijf daarom per bron van hulp op wat er wel en niet mogelijk is, en met welke reden. En vraag ook uit wat de mantelzorger zelf nodig heeft, want dat is een apart onderzoeksonderwerp uit lid 4.

    Waar de Wmo ophoudt en de Wlz begint

    Komt er zorg met verblijf in beeld, dan kan het college een maatwerkvoorziening weigeren als de cliënt aanspraak heeft op verblijf met bijbehorende zorg vanuit de Wet langdurige zorg (artikel 2.3.5 lid 6). Kan is hier geen moet: het is een bevoegdheid van het college, geen automatische uitsluiting. Voor thuiswonende cliënten met een Wlz-indicatie kunnen bepaalde hulpmiddelen en woningaanpassingen bovendien bij de gemeente blijven liggen.

    Het CIZ indiceert voor de Wlz en niet voor de Wmo. Leg in het verslag daarom vast wat je zelf hebt vastgesteld, waarheen je hebt verwezen en wat de stand van die verwijzing is, in plaats van vooruit te lopen op een indicatie die een andere instantie afgeeft.

    AI in het sociaal domein

    Wat AI aan je Wmo-verslag doet, en wat van jou blijft.

    AI mag een concept maken; het verslag stel jij vast. Dat onderscheid is niet retorisch, want het bepaalt wie verantwoordelijk is voor wat er in het dossier staat.

    Hoe een gemeente dat inricht, is inmiddels openbaar. In het overheidsalgoritmeregister staat de rapportage-assistent voor de intake Wmo en Jeugdwet van de gemeente Amersfoort beschreven, met Verticai als leverancier. Uit die registratie: de wijkteammedewerker controleert altijd de uitkomsten, deelname is vrijwillig voor inwoners en wordt voorafgaand aan het gesprek expliciet gevraagd, de verwerking gebeurt op servers binnen de EER en de bewaartermijn is maximaal 28 dagen. De registratie staat op algoritmes.overheid.nl en is voor het laatst gewijzigd op 22 april 2025.

    In diezelfde registratie staat een beoogde tijdsbesparing van 50 tot 75 procent. Dat is de verwachting van die gemeente bij die leverancier, geen gemeten resultaat en geen belofte van Notuly. Wij noemen het omdat het de lat laat zien waaraan een gemeente een verslagtool zal toetsen: menselijke controle, expliciete en vrijwillige toestemming, en verwerking binnen Europa.

    Notuly voldoet aan die drie op zijn eigen manier. De verwerking gebeurt op Nederlandse servers in Amsterdam en verlaat de EU niet. De audio wordt binnen een minuut na verwerking gewist, dus er is geen archief dat later opgevraagd of gelekt kan worden. Je gesprekken zijn geen trainingsdata. En het concept is een concept: Notuly weegt de hulpvraag niet, maakt de afweging niet en stelt niets vast.

    Wat je terugkrijgt, is een geordend concept binnen tien minuten, met de onderdelen op hun plek. Wat jij eraan toevoegt, is het vak: de hulpvraag in de woorden van de inwoner, de afweging per stap, en het oordeel dat alleen een consulent kan geven. Zet inwonergegevens daarbij nooit in een publieke AI-chatbot; waarom dat misgaat staat op is ChatGPT AVG-proof.

    Het hulpmiddel

    Het concept sneller op papier, jij stelt vast.

    Notuly maakt van het gesprek een gestructureerd concept: niet het onderzoeksverslag zelf, en niet de juridische toets, maar de eerste versie die jij leest, corrigeert en vaststelt.

    Consulent in gesprek met een inwoner aan tafel
    Collega's bespreken samen een casus

    Verwante pagina's

    Verwante verslagen, verwante regels.

    Deze pagina gaat over het onderzoeksverslag in de Wmo. Het algemene gespreksverslag, zonder wettelijk kader eromheen, staat op gespreksverslag. De bredere afweging voor gemeenten staat op Notuly voor gemeenten, en voor collegestukken, raadsvoorstellen en besluitnota's op beste AI voor een besluitnota. Werk je vanuit een zorgorganisatie in plaats van vanuit de gemeente, dan is Notuly voor de zorg het startpunt.

    Drie dingen die los staan van de vorm van je verslag. Wanneer je een gesprek mag opnemen en hoe je de toestemming vastlegt, staat op mag ik een gesprek opnemen. Wat er met je audio gebeurt en waarom er geen archief is, staat op veilig notuleren. En de verwerkersovereenkomst die je inkoopadviseur wil zien, is beschikbaar vanaf een Team-licentie.

    Hoe het werkt

    Van gesprek naar concept in drie stappen.

    Geen koppeling, geen implementatietraject, geen IT-afdeling. Downloaden, inloggen en je eerste gesprek opnemen: meer is het niet.

    1

    Opnemen

    Je vraagt vooraf toestemming, start de opname en voert het gesprek. Aan de keukentafel, of via de desktop-app als het gesprek op afstand gaat.

    2

    Verwerken

    Notuly verwerkt de audio op eigen servers in Amsterdam en herkent wie er praat: tot 32 sprekers. Notuly verstaat meer dan 90 talen; het verslag komt in het Nederlands of het Engels.

    3

    Toetsen en vaststellen

    Binnen tien minuten staat het concept in je mail. Jij toetst de hulpvraag en de afweging, redigeert en stelt het verslag vast. De audio is dan al gewist.

    Op al je apparaten

    Ook op macOS en Windows.

    Beeldbellen via Teams, Zoom of Google Meet? De desktop-app notuleert rechtstreeks vanaf je laptop. En met de iPhone- en Android-app leg je elk gesprek onderweg vast.

    Kies je plan.

    Starter

    Voor jezelf, om te proberen

    Gratis

    • 3 gesprekken per maand
    • 60 minuten per opname
    • Samenvatting & actiepunten
    • Gesprekstype-detectie
    • NL-servers, niets bewaard
    Download de app

    Pro

    Voor de individuele professional

    €9,99 / gebruiker / mnd

    €119,88 per jaar

    • Alles uit Starter
    • Onbeperkt gesprekken
    • Onbeperkte opnameduur
    • Tot 32 sprekers
    • Word-export (.docx)
    • Zelf sjablonen kiezen
    Kies Pro

    of download in de App Store

    Team

    Vanaf 2 gebruikers · één factuur

    Populair

    €10,99 / licentie / mnd

    €131,88 per gebruiker per jaar

    • Alles uit Pro
    • Eigen huisstijl in Word-export
    • Eigen sjablonen bouwen
    • Teambeheer met rollen
    • Eén factuur, centraal
    • Prioriteit support
    • Verwerkersovereenkomst
    Probeer Team gratis

    Veertien dagen gratis proberen

    Enterprise

    Vanaf 50 gebruikers

    Op maat

    • Alles uit Team
    • Persoonlijke accountmanager
    • SSO (single sign-on)
    • Custom DPA
    • Volume-korting
    Neem contact op

    Starter & Pro: prijzen incl. btw · Team & Enterprise: prijzen ex. btw

    Wij bewaren je gesprek niet.

    Audio wordt binnen een minuut na verwerking gewist. Zodra het verslag verstuurd is, blijft er niets achter. Wat wij niet bewaren, kan ook niet lekken.

    Eigen servers in AmsterdamISO 27001-gecertificeerd datacenter. Je data verlaat de EU niet.
    Eigen AI-modelZelf gehost in de EU. Geen Big Tech in de verwerking.
    Geen training op jouw gesprekkenWat jij zegt, blijft van jou.
    Verwerkersovereenkomst conform AVGBeschikbaar voor organisaties, vanaf een Team-licentie.

    Wij werken conform:

    ISO 27001.

    Wij werken conform ISO-normen. Onze dataservers draaien in een ISO 27001-gecertificeerd datacenter in Amsterdam.

    Vragen.

    Moet er bij iedere Wmo-melding een keukentafelgesprek plaatsvinden?+

    De Wmo 2015 verplicht het college om na een melding een onderzoek te doen, maar schrijft geen gesprek aan de keukentafel voor. Artikel 2.3.2 lid 1 zegt dat het college zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk binnen zes weken, een onderzoek uitvoert. In de praktijk vult vrijwel elke gemeente dat onderzoek in met een gesprek, thuis of op het gemeentehuis, omdat je de zeven onderzoeksonderwerpen uit lid 4 anders nauwelijks in beeld krijgt. Het gesprek is dus de gebruikelijke vorm, niet de wettelijke eis.

    Wat moet er wettelijk in het onderzoeksverslag staan?+

    De wet vraagt om een schriftelijke weergave van de uitkomsten van het onderzoek (artikel 2.3.2 lid 8), niet om een weergave van het gesprek. De inhoud volgt uit de zeven onderzoeksonderwerpen van artikel 2.3.2 lid 4 en uit het stappenplan dat de Centrale Raad van Beroep op 21 maart 2018 formuleerde: de hulpvraag, de problemen bij zelfredzaamheid en participatie, welke ondersteuning naar aard en omvang nodig is, de afweging van eigen kracht, gebruikelijke hulp, mantelzorg, sociaal netwerk en algemene voorzieningen, en pas daarna de maatwerkvoorziening. Een lezer moet die afweging kunnen volgen zonder erbij te zijn geweest.

    Wat is het verschil tussen een melding en een aanvraag?+

    Een melding is het signaal dat iemand ondersteuning nodig heeft, en die start het onderzoek van maximaal zes weken. Een aanvraag is het formele verzoek om een maatwerkvoorziening, en die start de beslistermijn van twee weken uit artikel 2.3.5 lid 2. Artikel 2.3.2 lid 9 bepaalt dat een aanvraag pas kan worden gedaan nadat het onderzoek is uitgevoerd, tenzij het onderzoek niet binnen de termijn van lid 1 is uitgevoerd. Tegen de beschikking op de aanvraag staat bezwaar open, tegen het verslag niet.

    Hoe lang mag het onderzoek duren, en wat als de zes weken verstrijken?+

    Het college voert het onderzoek zo spoedig mogelijk uit, uiterlijk binnen zes weken na de melding (artikel 2.3.2 lid 1). Die termijn hangt aan het onderzoek, niet aan het verslag. Verstrijken de zes weken zonder dat het onderzoek is uitgevoerd, dan kan de cliënt op grond van artikel 2.3.2 lid 9 alsnog een aanvraag doen; vanaf de ontvangst daarvan loopt de beslistermijn van twee weken.

    Moet de cliënt het gespreksverslag ondertekenen, en wat als hij het er niet mee eens is?+

    De Wmo 2015 kent geen handtekeningplicht: artikel 2.3.2 lid 8 zegt alleen dat het college de schriftelijke weergave van de uitkomsten verstrekt. Veel gemeenten vragen toch om een reactie of een handtekening, omdat dat vastlegt dat de cliënt het verslag heeft gezien. Is hij het er niet mee eens, dan hoort zijn reactie bij het verslag: neem de correcties over waar ze feitelijk kloppen, en laat het verschil van inzicht staan waar dat niet zo is. Het verslag wordt daar navolgbaarder van, niet zwakker.

    Wanneer wordt het ondertekende verslag een aanvraag?+

    In veel gemeenten geldt dat een door de cliënt ondertekend verslag als aanvraag wordt aangemerkt, vaak via een aankruisvak op het verslag zelf. Dat is gemeentelijk beleid en het verschilt per verordening; het staat niet als algemene regel in de Wmo 2015. Wordt het verslag zo gebruikt, dan begint op dat moment de beslistermijn van twee weken uit artikel 2.3.5 lid 2 te lopen. Controleer dus altijd wat jouw verordening hierover zegt voordat je een verslag laat tekenen.

    Kan de cliënt bezwaar maken tegen het gespreksverslag?+

    Nee. Het verslag is geen besluit, dus er staat geen bezwaar tegen open. Wel kan de cliënt op het verslag reageren en zijn eigen zienswijze laten toevoegen. Bezwaar en beroep richten zich op de beschikking waarin het college over de maatwerkvoorziening beslist. Omdat het verslag daarbij wel wordt meegelezen, is het in de praktijk het document waarop de zorgvuldigheid van het onderzoek wordt beoordeeld.

    Moet ik letterlijk opschrijven wat er gezegd is, of samenvatten?+

    Samenvatten. De wet vraagt om de uitkomsten van het onderzoek, niet om een woordelijke weergave van het gesprek. In een opinie op Schulinck betoogt Gertjan Christiaanse (2018) dat Wmo-verslagen soms een letterlijke weergave zijn waar een zakelijke samenvatting hoort, en dat korter rapporteren verplicht is zodra het mogelijk is; dat volgt uit proportionaliteit en subsidiariteit. Een pilot van Deloitte met de gemeente Hengelo kwam vanuit de techniek op hetzelfde uit: laat een AI-tool het transcript getrouw samenvatten en geen verbanden leggen of conclusies trekken. Dat wegen blijft jouw werk.

    Wat doe ik met het persoonlijk plan?+

    De cliënt kan het college vóór aanvang van het onderzoek een persoonlijk plan overhandigen waarin hij beschrijft welke ondersteuning volgens hem nodig is; artikel 2.3.2 lid 2 geeft daarvoor een termijn van zeven dagen na de melding. Betrek dat plan in het onderzoek en laat in het verslag zien wat je ermee hebt gedaan: welke onderdelen je overneemt, welke niet, en waarom. Dat is precies de navolgbaarheid waarop een onderzoek later wordt beoordeeld.

    Mag ik het keukentafelgesprek opnemen?+

    Een gesprek opnemen mag als je er zelf aan deelneemt, maar in het sociaal domein is dat niet het hele verhaal. Je verwerkt persoonsgegevens namens de gemeente, en toestemming van iemand die van je afhankelijk is voor zijn ondersteuning, is niet vanzelfsprekend vrij gegeven. Vraag toestemming daarom vooraf en expliciet, leg vast dat je het hebt gevraagd, en maak duidelijk dat weigeren geen gevolgen heeft voor de aanvraag. In het overheidsalgoritmeregister staat een gemeente die het zo heeft ingericht: deelname is vrijwillig voor inwoners en wordt voorafgaand aan het gesprek expliciet gevraagd.

    Mag AI mijn Wmo-gespreksverslag schrijven?+

    AI mag een concept maken; het verslag stel jij vast. In het overheidsalgoritmeregister staat de rapportage-assistent voor de intake Wmo en Jeugdwet van de gemeente Amersfoort met precies die rolverdeling beschreven: de wijkteammedewerker controleert altijd de uitkomsten, deelname is vrijwillig en de verwerking gebeurt op servers binnen de EER. Dat is de lat waaraan een gemeente een verslagtool zal toetsen. Notuly levert het concept binnen tien minuten; jij toetst de hulpvraag, de afweging en de formulering, en bepaalt wat er in het dossier komt.

    Wat als er een Wlz-indicatie in beeld komt?+

    Het college kan een maatwerkvoorziening weigeren als de cliënt aanspraak heeft op verblijf met bijbehorende zorg vanuit de Wet langdurige zorg (artikel 2.3.5 lid 6). Kan is hier geen moet: het is een bevoegdheid, geen plicht. Voor thuiswonende cliënten met een Wlz-indicatie kunnen bepaalde hulpmiddelen en woningaanpassingen bovendien bij de gemeente blijven liggen. Het CIZ indiceert voor de Wlz en niet voor de Wmo; leg in het verslag vast wat je hebt vastgesteld en waarheen je hebt verwezen.

    Het verslag van het keukentafelgesprek heet in de Wmo 2015 anders: artikel 2.3.2 lid 8 spreekt van een schriftelijke weergave van de uitkomsten van het onderzoek. Dat onderzoek moet uiterlijk zes weken na de melding zijn uitgevoerd; pas daarna volgt de aanvraag, en daarop beslist het college binnen twee weken. Wat er inhoudelijk in hoort, volgt uit het stappenplan van de Centrale Raad van Beroep van 21 maart 2018: hulpvraag, problemen bij zelfredzaamheid en participatie, welke ondersteuning naar aard en omvang nodig is, de afweging van eigen kracht, gebruikelijke hulp, mantelzorg, netwerk en algemene voorzieningen, en pas dan de maatwerkvoorziening. Notuly maakt daarvan het concept; de consulent toetst het en stelt het vast.

    Jij voert het gesprek, Notuly maakt het verslag.

    Laat Notuly je volgende keukentafelgesprek vastleggen en kijk wat er na afloop in je mail staat. Drie gesprekken gratis, zonder betaalgegevens.